Friese doorlopers en laagspringers

Voor algemeen gebruik werden de schaatsijzers steeds langer gemaakt, waardoor beter kon worden gegleden en de schaatsen geschikt werden voor toertochten en wedstrijden op de lange baan. In de loop van de tijd ontstond er ook meer belangstelling voor het veiligheidsaspect. Daardoor werden de punten lager om uiteindelijk geheel te verdwijnen.


Afb. 1: Model Doorloper, derde kwart 20e eeuw.
friese doorloper

In tegenstelling tot wat bij de 'gewone' Friese model gebruikelijk was, zijn deze schaatsen voorzien van een verlengd schaatsijzer. Het ijzer eindigt niet midden onder de schoenhak, maar loopt door tot aan het einde van het schaatshout. Dit model wordt daarom 'doorloper' genoemd. Het langere ijzer maakte hogere snelheden mogelijk, maar was ook veiliger. Bij het remmen op Gewone Friese schaatsen werd de voorvoet opgetild en met het scherpe achtereinde in het ijs gekrast. Als dat wat onhandig gebeurde, kon de rijder gemakkelijk achterover vallen, met soms ernstige gevolgen. Met de doorlopers werd een nieuwe remtechniek geïntroduceerd, die erop neer komt dat met de ijzers in een licht gekantelde stand over het ijs geschraapt wordt. Deze techniek wordt nog steeds toegepast.

Fabricaat: Firma F. Nauta Wz., Oudehaske.

Merk: SEBO op een etiket op de voetstapel (detail 1); SEBO = Snel En Betrouwbaar Oudehaske; F. Nauta Wzn in het ijzer (detail 2).

Technische gegevens: totale lengte: 32 cm; hoogte boven ijs: 3,5 cm; voetstapel: 22 cm schoenlengte x 4,5 cm breed; schaatsijzer: 16 mm hoog, 2 mm dik; gewicht: 200 g.


Afb. 2: Model Laagspringer, 4e kwart 19e eeuw.
friese laagspringers

Dit model betreft een verdere ontwikkeling van het doorlopermodel en werd speciaal ontwikkeld voor hardrijders. De schaatsijzers werden aan de achterkant langer gemaakt door het aanbrengen van een staartje. Dit paar heeft nog een halfhoge neus, maar bij latere uitvoeringen werd deze niet hoger gemaakt dan de voorkant van de voetstapel. Bovendien werd de voetstapel gemaakt naar de vorm van de schoenzool, waardoor het contact met de schaatsen aanzienlijk werd verbeterd. Dit model is uitgangspunt geweest voor zowel de Koninginneschaatsen als de Friese noren.

Fabricaat: Firma G.S. Ruiter, Akkrum.

Merk: zie detail 3.

Technische gegevens: totale lengte: 46 cm; hoogte boven ijs: 3 cm; voetstapel: 30 cm schoenlengte x 6,5 cm breed; schaatsijzer: 14 mm hoog, 2,7 mm dik; gewicht: 330 g.